Blog: Waarom interlandelijke adoptie permanent zou moeten worden afgeschaft

February 27, 2021

- Blog by Sarah de Vos

Op 8 februari schortte Minister Dekker interlandelijke adopties tijdelijk op. De resultaten van het onderzoek van de commissie Joustra lieten opnieuw zien dat er structureel sprake is van misstanden, waaronder kinderhandel, kinderdiefstal en ander onethisch handelen. Het systeem is nog steeds fraudegevoelig, misstanden komen tot op de dag van vandaag voor en zijn nooit uit te sluiten. Er is een ‘vraaggestuurde adoptiemarkt’ ontstaan, waarbij perverse financiële prikkels in het spel zijn. ICDI pleit er daarom voor de tijdelijke opschorting om te zetten in een permanente stop op interlandelijke adopties. Niet alleen omdat het systeem niet deugt, maar zeker ook omdat interlandelijke adoptie de opbouw van adequate jeugdbescherming in landen van herkomst  belemmert.

Opschorting en excuses

Al in 2016 pleitte de Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming (RSJ), na zorgvuldige afweging van de voor- en nadelen, voor het stoppen van interlandelijke adoptie uit bepaalde landen, waaronder EU-landen, China en de Verenigde Staten (de landen waar vandaag de dag de meeste geadopteerde kinderen vandaan komen). De commissie Joustra concludeert nu in haar rapport ook dat het huidige systeem van interlandelijke adoptie niet in stand kan blijven. Demissionair minister Dekker voor Rechtsbescherming heeft de aanbevelingen van de commissie overgenomen: interlandelijke adopties worden per direct opgeschort en de overheid biedt excuses aan voor het tekortschieten van de Nederlandse overheid door jarenlang weg te kijken van misstanden.

ICDI verwelkomt dit besluit, dat erkenning geeft aan alle geadopteerden die lijden onder de gevolgen van deze misstanden en die hier al geruime tijd aandacht voor vragen via rechtzaken, petities, wob-procedures en interviews. Wij hopen dat een volgend kabinet de tijdelijke opschorting omzet in een permanente afschaffing van interlandelijke adopties. Vanwege de vele misstanden, in het verleden en nu én omdat het belang van het kind, zoals vastgelegd in het Internationale Verdrag voor de Rechten van het Kind (IVRK), centraal moet komen te staan. Ieder kind heeft het recht om op te groeien in zijn of haar oorspronkelijke familie, gemeenschap en land van herkomst. Interlandelijke adoptie snijdt deze banden onherroepelijk door en belemmert de opbouw van lokale jeugdzorg- en kinderbeschermingssystemen waarbij zulke banden wel in tact kunnen blijven.

De belangrijkste redenen om adoptie af te schaffen

Misstanden zijn niet uit te sluiten

Een belangrijke conclusie van de commissie Joustra is dat het systeem van interlandelijke adoptie inherente kwetsbaarheden bevat, nog steeds fraudegevoelig is en dat misstanden tot op de dag van vandaag voorkomen. De commissie stuitte op misstanden die zich structureel voordeden, zoals vervalsing van documenten, kinderhandel, fraude en corruptie. Maar ook op andere onethische handelingen. Zo werden kinderen onder valse voorwendselen of morele druk afgestaan, werd met opzet onzekerheid of onduidelijkheid gecreëerd rondom afkomst en werd misbruik gemaakt van armoede en kwetsbaarheid van moeders. De Nederlandse overheid was op de hoogte van zulke misstanden, maar greep niet effectief in. De commissie stelt vast dat niet alleen in de onderzochte periode (1967-1998), maar ook daarvoor en daarna, alsmede in andere landen dan de onderzochte landen sprake was en is van adoptiemisstanden. De commissie heeft ernstige twijfels of het mogelijk is een systeem te ontwerpen waarin misstanden niet meer voorkomen. Verscheidene pogingen om door aangescherpte regelgeving en verdragen misstanden terug te dringen hebben tot op heden gefaald. Er is een gebrek aan mogelijkheden om vanuit Nederland toezicht te houden op het proces van interlandelijke adopties. Aanvullende maatregelen en toezicht kunnen risico’s niet volledig ondervangen, zo erkent ook de Minister. Dat het niet is te controleren of te garanderen of adopties deugdelijk tot stand komen, zou voor de overheid eigenlijk alleen al voldoende reden moeten zijn om permanent met interlandelijke adopties te stoppen. 

Interlandelijke adoptie is niet in overeenstemming met het VN-Kinderrechtenverdrag

Het subsidiariteitsbeginsel stelt dat interlandelijke adoptie pas als laatste redmiddel in beeld mag komen, als alle andere mogelijkheden in het land van herkomst om het kind te beschermen, waaronder pleegzorg of adoptie in eigen land, falen (artikel 21 IVRK). In de praktijk kan de naleving van het subsidiariteitsbeginsel van het Kinderrechtenverdrag niet goed worden uitgevoerd. Inherent aan het systeem is dat de focus (en het belang) van betrokken partijen ligt bij het realiseren van adopties en niet op het vinden van alternatieven in het land van herkomst. In het geval van de Verenigde Staten en EU-landen, waar op dit moment de meeste adoptiekinderen vandaan komen, is het bovendien onmogelijk om vol te houden dat zij zelf geen adequate bescherming kunnen bieden. De Verenigde Staten zijn nota bene zelf de grootste ontvanger van buitenlandse adoptiekinderen.

De vraag naar adoptiekinderen creëert aanbod 

Het heersende idee is dat als interlandelijk adoptie wordt afgeschaft, kinderen veroordeeld zouden zijn tot opgroeien in steeds vollere kindertehuizen, die schadelijk zijn voor de ontwikkeling van kinderen. Het tegendeel is waar, adoptie heeft een aanzuigende werking: in plaats van kindertehuizen leger te maken, worden ze juist voller. Hoewel adoptie bedoeld is als kindergerichte beschermingsmaatregel, is het veranderd in een systeem gericht op de vervulling van de wensen van potentiële adoptieouders. Volgens de commissie is er een ‘vraaggestuurde adoptiemarkt’ ontstaan – ‘ouder zoekt kind’, in plaats van andersom - waarbij grote geldbedragen in het spel zijn. Financiële belangen zorgen voor reële risico’s op voortdurende illegale en ongewenste praktijken.

Adoptie ondermijnt jeugdbescherming in herkomstlanden

Kinderen hebben het recht om op te groeien binnen hun oorspronkelijke familie, gemeenschap en land van herkomst. Helaas zijn er situaties waarin kinderen en hun ouders gescheiden (dreigen te) worden. Adequate jeugdbescherming, waarin kwetsbare gezinnen versterkt worden (om scheiding te voorkomen) en kinderen die niet bij hun ouders kunnen blijven opgevangen worden binnen de familie of door lokale gezinnen, is daarom van het grootste belang. Zo groeien kinderen op in eigen land en cultuur en blijven identiteit, juridische banden met ouders en perspectief op gezinshereniging behouden. Wereldwijd zijn er talloze voorbeelden van gezinsversterkende projecten die hier op succesvolle wijze mee bezig zijn (ICDI deed hier zelf ook onderzoek naar, lees daarover hier en hier meer). Door interlandelijke adoptie wordt de bescherming van kinderen feitelijk uitbesteed aan een ander land. Dit ondermijnt de vorming en instandhouding van adequate jeugdbescherming in landen van herkomst, zeker wanneer interlandelijke adoptie financieel aantrekkelijker is dan binnenlandse oplossingen en voorzieningen.